Solo

Gå med I lunden (1981)

Op verzoek van de organisatie van het Beiaard Wereld Congres te Løgumkloster (Den.)  in 1982 werden vanuit de deelnemende beiaardlanden composities geschreven die waren gebaseerd op aangereikte Deense volksliederen. Ook de Nederlandse Klokkenspel-Vereniging nam het verzoek aan. Eén van de inzendingen was de compositie die gebaseerd was op een song van K. N. Andersen uit 1932: Gå med i lunden (ga je mee in de bosjes).
Jacques Maassen was ten tijde van de compositie nogal weg van de (piano)stijl, van Art Tatum. Vandaar dat enkele stijlelementen van deze jazzvirtuoos wel in het stuk zijn terug te vinden. Een  ondertitel ”Ode to Art” zou daarom niet hebben misstaan.

Duur: ca. 5’. Het werk werd uitgegeven in het Løgumkloster Carillon Book. Het verscheen ook op de LP die ter gelegenheid van het congres werd samengesteld, in de vertolking van Heleen van der Weel; zij verzorgde ook de eerste uitvoering.
Het werk is niet geschikt voor beiaarden in de middentoonstemming.
 

Laura (1980)

Op verzoek van dr. Laura Meilink-Hoedemaker schreef Jacques Maassen in juli 1980 zijn versie van de jazz-standard “Laura” (componist: David Raksin).
Na een inleiding van vier maten wordt de melodie (16 maten) nog twee maal gevarieerd (en uitgebreid. Het is een van de weinige, zo niet de eerste, poging een jazz song in stijl voor beiaard te bewerken.

 

Duur: ca. 4’. Karakter: slow and pretty.
Het werk is niet uitgegeven.


 

Etudes voor Beiaard (1978)

Tijdens het Vijfde Internationaal Beiaard-Congres (1978 te Amersfoort) presenteerde de Nederlandse Klokkenspel-Vereniging vier banden met etudes voor beiaard. Deze verzameling werd de Ned. Beiaardschool aangeboden ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan.
De etudes zijn geschreven in opklimmende moeilijkheidsgraad, van eenvoudig tot aan het niveau Praktijkdiploma (tegenwoordig: Bachelor). De stukken hebben een technisch uitgangspunt, maar zijn daarnaast ook muzikaal bevredigend.
De Etudes werden gecomponeerd in opdracht van het BUMAFONDS.

De vier etudes zijn in de huidige uitgave verdeeld over de vier bundeltjes, tezamen met de inzendingen van andere beiaardiers:
1.  (nr. 7, in band 1)    “Dubbelgrepen”         ca. 3’45’’
2.  (nr. 17, in band 3)  “Blues”                       ca. 3’
3.  (nr. 19, in band 3)  “Pedaaletude”            ca. 3’15”
4.  (nr. 27, in band 4)  “Rumba”                     ca. 3’
In de nabije toekomst zullen deze vier etudes in een apart bundeltje worden uitgegeven.

De etudes zijn speelbaar op een beiaard van 3,5 octaven.


 

Inscripties (1977)

Dit werk werd gecomponeerd in opdracht van de Johan Wagenaarstichting te Den Haag, op verzoek van de Ned. Klokkenspel-Vereniging, en bedoeld voor het toendertijd jaarlijks gehouden improvisatie- en interpretatieconcours. In 1977 werd dit gehouden te Emmeloord. In Inschripties worden de beide categorieën van het concours verenigd. De eerste twee delen waren bedoeld als verplicht werk voor de interpretatiewedstrijd, terwijl het derde deel ruimte laat voor een improvisatie. Deze kan op twee verschillende plekken in het derde deel worden aangevangen en laat desgewenst ruimte voor nieuw materiaal. In alle gevallen besluit het derde deel met de genoteerde coda.

De delen:       

  • Dans (2’45’’): met een kenmerkend rumbaritme en referenties aan deel III
  • Aria (3’30’’): statig, met veel open klanken en herhaalde motieven
  • Suggestie (2’, zonder improvisatie|): het thema van de fugatische opzet is ontleend aan deel I


De categorie Interpretatie kende geen winnaar. De Improvisatieprijs werd gewonnen door Addie de Jong (Rotterdam).


 

Should auld acquaintance(1977)

Ter gelegenheid van het 200- jarig bestaan van de Nijkerkse beiaard schreef de Nijkerkse Klokkenspel-Vereniging een compositiewedstrijd uit. Bij de opdracht werd gevraagd een bewerking te maken van een bekend kinder-, volks- of geestelijk lied.
Er waren 19 inzendingen. In samenwerking met de Muziekcommissie van de Nederlandse Klokkenspel-Vereniging (NKV) werden negen composities uitgekozen om als “Nijkerkse Beiaardboeken” te verschijnen in de reeks uitgaven van de NKV.
Tegenwoordig behoort de uitgave tot het bestand van Beiaard-Centrum Nederland (BCN).

In tegenstelling tot de meeste liedvariaties in de beiaardwereld (thema met variaties, na iedere variatie komt het stuk even tot stilstand), koos Jacques Maassen voor een driedelige vorm (ABA). Daarbij is in het middendeel sprake van “doorwerking”. In de hoekdelen (geen letterlijke herhaling) is de melodie beurtelings in de bas, middenstem of sopraan te vinden, maar steeds afgezet tegen een tweetal ostinate akkoorden en wat daarvan kon worden afgeleid.

Ook in voetbaltijden te gebruiken (met de aangepaste tekst “O Nederland, van Andre Hazes).

Duur: ca. 4’


 

Reflexies (1975) DONEMUS

Reflexies is Jacques Maassens meest gespeelde compositie; het werk kreeg de eerste prijs tijdens de Toon van Balkomcompositiewedstrijd, Den Bosch 1975.  
Het werk is vijfdelig, in een afwisseling van langzame en snelle tempi die zijn gekoppeld aan tonale en a-tonale structuren.


Duur: ca. 7’  Uitgave Donemus Amsterdam
Van het werk bestaan verschillende opnamen


 
Home > Composities > Solo